Dag 11: La Chaux de Fonds – Olten. 109km.

Maandag, 30 juli 2012.

Start 8u, laatste etappe van onze Ronde van Zwitserland.

Veel tijd om in te fietsen krijgen we niet, La Chaux-de-Fonds, 2km, dadelijk tot 1085m, de route is golvend via La Ferrière, Saignelégier, Bassecourt, we blijven voor het grootste gedeelte op een hoogte van 1000m fietsen. Na 70km, gemiddelde snelheid 29,6km/u en 600 hoogtemeters tot Chatillon.

Vanaf dan gaat het gemiddelde sterk omlaag, Col de Schelten, bord met melding: “verboden voor auto’s met aanhangwagen”, voorspelt dus steile passages. De weg loopt bijna loodrecht, in trapjes omhoog met pieken tot 18%, enkel in de laatste 2km zitten er enkele haarspeldbochten, mooi, langs riviertje oplopend met op het einde prachtige vergezichten, zware beklimming!
10km afdalen tot Mümliswil, terug klimmen tot Langenbruck, 330 hoogtemeters, afdalen tot Langenbruck, laatste 80 meter klimmen, dan is het enkel nog afdalen tot Olten, 12u45, onze eindbestemming.
Tijd: 4u25, gemiddelde: 24, 9km/u, 1450 hoogtemeters, afstand: 111km.

Dag 10: Morlon – La Chaux de Fonds. 129km.

Zondag, 29 juli 2012.

Gisteren hebben we het hooggebergte verlaten wat niet wil zeggen dat er vandaag niet geklommen moet worden. Hotel-Restaurant Le Gruyérien, gelegen aan het Lac de Gruyère, is zeker weer een adres om te onthouden, het ontbijt is super! Het is geen luxueus hotel, de kamers zijn net, een rustige ligging met mooi uitzicht op het meer  en het eten is prijs/kwaliteit zeer goed.
9u40, het regent nog een beetje als we aanzetten maar de richting waarin we fietsen vertonen al vlug blauwe plekken doorheen de wolken en een uur later fietsen we in de zon. Voor de rest van de dag is het afwisselend licht tot zwaar bewolkt maar we houden het droog.
Het parcours is golvend en landelijk, via Bulle, Romont, Lucens tot Yverdon aan het Lac de Neuchâtel. Dan volgt onze eerste col van de dag, via Ste Croix tot Col des Etroits, 1153m.
We zijn dan al wel een dagje ouder, maar we blijven haantjes!
De eerste 4km rijden we te samen omhoog, eens de klim steiler wordt verkiest Hugo zijn eigen tempo te rijden, dan nog met drie. 2km verder grijpt Drik zijn kans, ik laat het gat vallen maar Luc blijft zitten, als ik versnel om Dirk te grijpen kruipt Luc mee in mijn wiel, achter ons rijden nog enkele fietsers die ook versnellen.
Eens bij Dirk gekomen versnelt hij terug, ik laat terug het gat vallen, niemand neemt over. Terug dan maar versnellen, de anderen passen, bij Dirk gekomen moet ik wel een kilometer bij hem in het wiel blijven om te recupereren. De wind staat pal op kop, Dirk en ik wisselen geregeld en het gat met de anderen wordt groter, tegen 18km/u rijden we tot top!
Verder 10km afdaling tot Buttes, Lunchpauze.
Dan wijken we af van het traject, na 100km krijgen we een klim met 360 hoogtemeters op amper 4km, stevig! Nog 20km te gaan, vals plat tot 3km voor de eindbestemming, La Chaux-de-Fonds, slaan we linksaf, verboden voor auto’s, de weg wordt smal, klim aan 13%.
We bereiken hotel Chez Gilles om 17u25.

Dag 9: Sion – Morlon. 133km.

Zaterdag 28 juli 2012.

Vandaag, een hilarische rit om nooit te vergeten!

Sion, ontbijt, pas vanaf 8u00, regen, de motivatie om te vertrekken is dus niet groot, maar eerst nog even iets over gisteren. Hugo was, voor we in de bar van het hotel hadden afgesproken, het centrum van Sion gaan verkennen. Het oude stadsgedeelte is mooi met vele smalle steegjes en dus gezellig om te vertoeven. Hij ontdekte er een gezellig restaurant en stelde voor er te gaan eten, hetwelk we ons achteraf niet hebben beklaagd, verzorgd terras met plataanbomen, echt zuiders vakantie sfeertje maar vooral met lekker eten.

9u30, start, na 10km krijgen we een opwarmertje, 1,5km en 170 hoogtemeters, het regent nog steeds maar gelukkig is het niet koud, daarna tot kilometer 48 is het vlak en wanneer we in de noordelijke richting draaien krijgen we de wind in de rug, de gemiddelde snelheid ligt hoog maar dan…

Via Vasselin en Le Châtel tot Bex, stevig klimmen met stroken boven de 12%, maar wat nog moet komen, dit heb ik nooit eerder gefietst! Voor de kenners van Herentals – Alpe d’Huez, die zouden het een “Frans Lambaertje” noemen, voor de fietsvrienden van de Bosbeekbikers, een Alaintje, neen, dit is echt het strafste wat ik ooit omhoog ben gereden. De route die ik via de Garmin gps ingebracht had, en tegelijk bekeken had via Michelinkaart, groen gearceerd, was voor de gewone wandelaar zelfs te zwaar. Route onderbroken, afbeelding van een mountainbike i.p.v. een racefiets, Dirk zegt nog: “dit voorspelt niet veel goeds”, maar we gaan ervoor. Na 2km, het lijkt eerder op een bospad, gaat de weg steiler met eerst 14%, even later 18%, dan is de weg onderbroken en moeten we van de fiets. We fietsen desondanks verder, we steken geregeld, op smalle bruggetjes, het steile riviertje over, prachtige watervallen! Eigenlijk is dit een steile gorges van amper 20 meter breed waar dat men een smal asfalt heeft aangelegd. Vincent en Brigitte, ze zouden hier minsten 200 foto’s geschoten hebben, wij, wij kunnen amper recht blijven, dus hiervan geen foto’s. Dan volgt een bord met de melding “24%”, tot viermaal toe denken we boven te zijn, niks daarvan, het is kruipen, stompen, alle hens aan dek om recht te blijven. Allen moedigen we Hugo aan, knap en zonder morren dat hij dit op fietst!

Eens terug op de grote baan fietsen we richting Villars Sur Ollons. Hier houden we een korte stopt om de innerlijke mens te sterken. Dan trekken we verder tot de top, Col de la Croix, 1779m, lastig, ik zie stijgingspercentage tot 12%.

Luc en Dirk ter hoogte van de passage met 13% op de Col De La Croix.

Afdalen tot Les Diablerets, linksaf richting Château d’Oex, dan volgt de Col Des Mossen,1445m. De rit zit er dan bijna op, nog 31km te gaan tot Morlon.

Afstand: 133km, hoogtemeters: 2380, tijd: 5u58, gemiddelde: 22,3km/u

Dag 8: Airolo – Sion. 149km.

Vrijdag, 27 juli 2012.

Voor vertrek nog even de rekening van het hotel Forni Airolo regelen, we zijn wel verontwaardigd over de rekening, 60 sfr voor een klein wasje waardat men in de vorige hotels 5 en 10 sfr vroeg, een uurtje wifi; 10 sfr, waar het gratis was in alle voorgaande hotels. En dan heb ik het nog niet over de ligging van het hotel, station.
8u30, start voet Passa della Novena, op één na, hoogste col van Zwitserland en vele malen opgenomen in de echte Ronde van Zwitserland, 23,5km, de eerst 10km zijn vals plat en Hugo gaat er van door, hij rijdt verder van ons weg en treft een metgezel om naar boven te fietsen.
Als de col steiler wordt fietsen we hem voorbij, de laatste 10km zijn zeer lastig, de zon steekt en we hebben geen boom beschutting. Onderweg zien we percentage’s van 12,5 en 14%.
2km voor de top demarreert  Luc, Dirk en ikzelf kijken elkaar aan, wat bezielt dienen? Ik por Dirk aan om mee te versnellen, Dirk laat even begaan. We fietsen zoals in de echte ronde, de laatste 2km op het groot blad, voor de kenners, met een compact, maar wel aan 30km/u, naar boven. Luc kraakt, Dirk zal Luc in de laatste 500 meter nog passeren. Luc krijgt 40 seconden aan z’n broek gesmeerd! In achterwaartse volgorde bereiken we de top, Luc, Dirk, Jan.
Tijd: 1u47, 13,1km/u, top col: 2496 hoogte, hoogteverschil: 1260 m.
Afdalen tot Ulrichen, linksaf,  de baan daalt nog verder maar er moet geregeld nog stevig geklommen worden. Even voorbij Brig in de stad Visp, Lunchpauze na 82km.
Door de hitte, 38 graden, beslissen we de klim tot  Crans Montana niet op te fietsen.   Volgen dan richting Sierre en fietsen zoveel als we kunnen van de grote baan weg. 2 km voor Sierre slaan we rechtsaf richting Leukerbad, 2km aan 9%, een bord geef 42 graden aan. We fietsen door de wijnvelden  van Sierre en in de afdaling lijkt het of er een haardroger op onze lichamen blaast.
Desondanks toch nog een rit van 135km met 1850 hoogtemeters.

Dag 7: Biasca – Airolo. 118km.

Donderdag, 26 juli 2012

Vandaag rijden we onze koniginnenrit, 120km waarvan 70km klimmen over 3 Cols.

8u30, vertrek vanuit Biasca, 41km klimmen. In de eerste 22km overbruggen we maar 600 hoogtemeters, onze route gaat in noordelijke richting, op en neer, het is moeilijk om het goede ritme te vinden. De eerste 10kms zijn bijna vlak, vijf kilometer neem ik voor mijn rekening, wind op kop, blijkbaar is het hier  ’s morgens steeds noorderwind, dan duwt Hugo het gaspedaal in, de snelheid gaat de hoogte in maar onze fotografen van dienst waren nog niet opgewarmd, sorry Hugo.

Als de echte klim begint neemt hij gas terug. Luc en ikzelf fietsen samen tot top.

Top passo del Lucomango, 1920m, 2u35, gemiddelde: 15,4km/u en al 41km.

De negatieve kritiek dat deze col krijgt is onterecht, enige minpunt, veel rechte stukken, weinig haardspeldbochten. In de afdaling naar Disentis, Muster rijden we eerst voorbij de stuwdam, Lai da Sontga Maria, dan volgen enkele zachte bochten en op het laatste van de afdaling fietsen we door vele tunnels, galerieën met watervallen en grote kloven, prachtig.

Vanuit Disentis volgt de volgende col, 20km, Oberalpass, 2044m.

Na 70km, 13u, 12km voor top, Sedrun, houden we halt voor de lunchpauze.

4km vals plat, dan wordt het als maar steiler, tot 9%. We hebben er op geroepen, zon, zon, maar 26 graden op 2050m is voor het klimmen iets te veel van het goede!

Dan volgt de mooie afdaling tot Andermatt, leuk gezellig stadje, we hebben geen tijd voor een korte visite maar gelukkig loopt onze route pal door het centrum zodat we toch een eerste indruk meepikken, om terug te komen.

Nog 9km, St. Gotthardpass, 2108m, op 2km van de top slaan we rechtsaf, de oude route op, kasseien. Na goed 100m draai ik terug en volg ik de geasfalteerde baan. Dirk, Luc en Hugo blijven de kasseien volgen.

Stop in de afdaling van de Gotthardpass na 3km, mooi uitzicht op de vallei van Airolo maar dan… volgt een steile afdaling en Dirk en ikzelf hebben wat voorsprong op onze kompanen, aan de afslag richting Airolo stoppen we en zwaaien naar Hugo en Luc, Hugo vertraagt niet en fiets rechtdoor, hij fiets nog een ommetje van 10km en 200 hoogtemeters.

Afstand: 120km, gemiddelde: 18,80km/u, tijd: 6u18, hoogtemeters: 3280m.

 

Dag 6: Chiavenna – Biasca. 132km.

Woensdag, 25 juli 2012.

Vertrek: 8u30, één kilometer, meer krijgen we niet, om in te fietsen, start Passo dello Spluga, 31km. Onze groep valt dadelijk uiteen, eerste kilometers zijn stevig, 7%. Dirk heeft iets langer nodig om het goede ritme te vinden maar na 3km op de klim fietst hij het 100m gaatje dicht en rijden we samen tot de top.

Vanaf ons hotel is het 32,5km tot de top, we halen een gemiddelde van 13,2km/u en overbruggen hetzelfde hoogteverschil als de Stelvio, bijna 1800 hoogtemeters, de Passo dello Spluga is wel maar 2113m maar we zijn vertrokken op 325m. Prachtige col, vele tornante’s maar ook wel met gevaarlijke onverlichte tunnels. Een col die, qua inspanning, qua vergezichten en het speciale baantraject, zeker in het geheugen zal blijven zitten!

Tijdens de beklimming rijdt Luc lek, juist nadat hij zijn fietstas met reserve bandjes aan Vincent heeft afgegeven.Gelukkig waren Hugo en Vincent met de auto nog achter.

De afdaling, terug Zwitserland, van de Passo dello Spluga is eveneens spectaculair met zijn vele haarspeldbochten.Door werken moet er wel enkele malen aan cyclocross  gedaan worden. Dirk zal later op de dag, waarschijnlijk hierdoor, ook een platte tube hebben.

In Splugen gaan we westelijk, richting de Passo Del San Bernardino. We fietsen parallel met de autostrade, het stoort helemaal niet, de vallei, de dorpen, alles is zeer mooi. Ik weet het, ik val in herhaling maar de natuur is gewoon schitterend, het is dan ook de eerste maal dat ik op deze mannier kennis maak met Zwitserland.

Wanneer de autostrade in de berg, San Bernardino, verdwijnt gaan wij voor 6km klimmen tot de top, 2065m. Boven aangekomen dreigen zwarte wolken, we beslissen dadelijk de afdaling in te zetten maar desondanks krijgen we regen. 30km verder is het 30° en liggen de banen droog.

14u15: In Cama, we moeten dan nog 30km, houden we onze lunchpauze, verse pasta met fungi.

We bereiken Biasca om 16u45.

Afstand: 129km, tijd: 6u08, gemiddelde: 21km/u, hoogtemeters: 2650m.

Dag 5: Bormio – Chiavenna. 129km.

Dinsdag, 24 juli 2012.

Om 9u20 laten we het gezellige stadje Bormio achter ons, terug een adres om te onthouden, zeker het mooie hotel San Lorenzo, wederom een zeer sympathieke ontvangst en een goede tafel.
Na bijna 10 vlakke kilometers, goed om de spieren los te maken, begint de col echt te klimmen voorbij het dorpje Isolaccia. Dirk en ikzelf vinden dadelijk de goede tred, boven na 1u30. Passo di Foscagno 23,5km, 2291m hoog.
Anekdote; Hugo vertelt ons zonder te blozen dat hij samen met zijn echtgenote vanuit Bormio tot Livigno en terug is gefietst. Alvorens wij grote bewondering kunnen tonen zegt hij: “en dit met ne fiets van 15 kilo”. Ik hem zeg: ” en gij fiets met ne carbon van geen 10 kilo”, waarop hij zegt: ” ’tja, goe genoeg, gewonnen met de tombola”. Micheline, dikke proficiat van ons allen!
We bevinden ons nu in het taks vrije Livigno, tot Livigno stad is het 13km met er tussen het colletje, Passo d’Eira, amper 3km. Na Livigno wacht de Forcola di Livigno, terug klimmen tot 2315 hoogte. We zien verschillende professionele fietsteams trainen maar we kunnen niemand erkennen. Wel merken we het kwaliteitsverschil als ze ons voorbij snellen. Later zal blijken dat we volgens Vincent, Balan en Cunego gepasseerd zijn. De laatste 4km zijn lastig, de wind staat er pal op kop. Lunchpauze. Pasta pomodori.
Het is reeds 14u en we moeten nog 85km. 4km afdalen tot grens Zwitserland en 4km klimmen tot Passo del Bernina, 2328m.
Verder dalen tot St. Moritz, draaien dan in westelijke richting en krijgen we strakke wind van voren. Voor ons is het afzien maar de vele zeilers, surfers en kitesurfers zweven met hoge snelheden over het water, voor hen is het echt fun. Tot de Maloja Pass, 15km, fietsen we  langs  mooie hoogtemeren. Rest ons enkel nog 31km afdaling tot Chiavenna. 1okm voor Chiavenna, grenspost, terug Italiaans grondgebied.
Tijd: 5u17, afstand: 129km, hoogtemeters: 2150, gemiddelde: 24km/u.

Dag 4: Zernez – Bormio. 102km.

Maandag, 23 juli 2012.

Het is reeds 9u20 als we aanzetten, vermoedelijk hebben we een beetje stress door het programma van de dag, 22km klimmen top Pass dal Fuorn, 2149m en 27km Passo dello Stelvio, 2758m hoog, de col der cols met zijn 48 haarspeldbochten vanuit Prato dello Stevio.

De eerste 3km van de Fuorn hebben een gemiddelde van 8,5%, verder is het een goede loper met na 6km zeven kilometer dalen en voorst 8km klimmen tot top waarvan de laatste 1,5km aan 9%.

Fuorn, 22km, 16,3km/u en 850 hoogtemeters.

Dan zetten we de afdaling in, na goed 10km hoor ik een sterk schurend lawaai. We vervangen eerst het voorwiel maar het geluid blijft, dus wordt ook het achterwiel vervangen. Luc, die achter me rijdt merkt op dat de ketting zonder te schakelen omhoog van de kronen komt. Achteraf vernemen we van de lokale fietsenmaker in Bormio dat er met dit type van wielen veel problemen zijn.

Nu de Stelvio, vermits we door bovenstaande problemen vertragingen hebben opgelopen is de afspraak dat we 10km op de col onze lunchpauze zullen houden. Bij het eerste restaurant toegekomen hebben we na goed 20 minuten nog niemand van het personeel gezien desondanks er mensen aan het eten zijn, dus 4km verder tot het volgende restaurant, gesloten! Nog 3km verder stop ik voor de zogezegde lunchpauze, keuken gesloten en iedereen behalve ikzelf beslist dan maar verder te rijden en dit nadat ik juist soep met brood, het enige nog verkrijgbare, besteld heb.

Na goed een half uur zet ik ook mijn beklimming verder, nog 10km te gaan. Mooi maar zwaar. De vergezichten op de gletsjer zijn echte prentkaarten, by the way, het is eindelijk schitterend weer!

Dan rest ons de mooie afdaling tot Bormio, onderweg passeren we prachtige watervallen dewelke meermaals uitnodigen tot stoppen. Het is wel opletten in de vele tunnels, ze liggen nat en met bochten erin.

Afstand: 104km, tijd: 5u18, 2800 hoogtemeters, gemiddelde: 19,40km/u.

Dag 3 Wildhaus – Zernez. 116km.

Zondag, 22 juli 2012.

Iets na 9 gaan we van start, Zernez is onze volgende bestemming. Het heeft de ganse nacht geregend maar een half uur voor we vertrekken klaart de hemel open en schijnt de zon doorheen de mist wat mooie vergezichten oplevert.

Vanuit Wildhaus is het 10km afdalen tot Gams, verder tot Buchs waar we de Rhein oversteken en fietsen we zo op Liechtensteins grondgebied. We doorkruisen de steden Vaduz, Triesen en Balzers, hier volgt ons eerste colletje, de Engpass, amper 230 hoogtemeters.

Voorbij Malans fietsen we door wijnvelden op een smal fietspad, 2km verder wordt er getwijfeld, het asfalt gaat over in grind, gelukkig ligt het er niet te nat en beslissen we om er door te rijden. We fietsen nu richting Davos, grotendeels over fietspaden tot Klosters waar we onze lunchpauze houden. 5km voor Klosters krijgen we nog een felle regenbui wat de temperatuur in geen minuut 10 graden doet dalen. We hebben dan 75km en 1050 hoogtemeters.

8 klimmende kilometers tot Davos, dan begint het echte werk, de Flüelapass, 2383m, 13km, de wind en het stijgingspercentage maken deze col zeer lastig.

Boven aangekomen krijgen we lichte sneeuwval, hagel en veel wind te verwerken. Op de toppen ligt nog sneeuw, we vertrekken dadelijk aan de afdaling, koud, het is bibberen in de afdaling maar eens we terug op de hoogte van 1800m komen, fietsen we terug in het zonnetje, het blijft desondanks koud.

Tijd: 5u30, afstand: 117km, gemiddelde: 21km/u, hoogtemeters: 2470m.

Dag 2: Busingen – Wildhaus. 126km.

Zaterdag, 21 juli 2012.

Gisteren nadat we anderhalf uur in het hotel aangekomen waren begon het fel te regenen, wanneer we om 22u30 de tafel verlaten is dit nog steeds zo, maar de waard van het Alte RheinMühle hotel stelt ons gerust, de volgende dagen zal het steeds beter worden.

We fietsen vandaag over onze eerste col, 11km vanuit Urnäsch, de Schwägalp.

9u10 we zetten aan, licht golvend tot Zellersee, mooi, rustig, en op meerdere plaatsen loopt een mooi fietspad paralel met ons parcours.

Kleine anekdote; na 45km halen Brigitte en Vincent ons in, zij hebben van het hotel en onderweg nog wat foto’s genomen, op hetzelfde moment stopt Dirk om een steentje te verwijderen uit zijn voorwielband, Hugo neemt over en trekt sterk door, eens hij Vincent gepasseerd is en als eerste op de foto staat doet hij teken om terug over te nemen. 🙂

In de stad Konstanz aan de Bodensee is het opletten omdat de GPS ons over wegen stuurt verboden voor fietsers. We schakelen het menselijk oriëntatievermogen in en fietsen vlot de stad uit. Na Konstanz gaat onze route in zuidelijke richting tot Gossau. Hier houden we lunchpauze; tagliatelle carbonara, gebak en koffie. Het is dan nog 50km.

We fietsen dan verder tot Urnäsch, hier start onze eerste col, beklimming met een hoogteverschil van 520m, de Schwägalp. In de eerste 5km klimt de weg amper 150m,  dan volgt een strook van 3km met een gemiddelde van 8,5% en pieken tot 11%, het laatste deel is zeer afwisselend met vlakkere stroken. Het enige spijtige is dat het volop aan het gieten is, leuk is anders! Na 10km afdaling is het terug licht  bergop tot Wildhaus onze eindbestemming.

Afstand: 127km, gemiddelde: 23km/u, hoogtemeters: 1490m, tijd 5u30.